Die en hen: hoe het Nederlands aan genderneutrale voornaamwoorden kwam
Van de TNN-verkiezing in 2016 via het ANP-besluit van 2021 tot het Taalunie-advies van 2022: de geschiedenis van ‘die’, ‘hen’, ‘hun’ en ‘diens’, en waarom ‘hen loopt’ wringt.

De voornaamwoorden ‘die’ en ‘hen’ voor non-binaire personen zijn in het Nederlands jonger dan de smartphone. In 2016 koos een achterban van vijfhonderd mensen ze in een onlineverkiezing; vijf jaar later stonden ze in het stijlboek van het ANP en in de digitale Van Dale, en in 2022 noemde de Taalunie ze ‘het meest kansrijk’. Dit artikel reconstrueert hoe dat ging, waarom ‘hen loopt’ veel taalgebruikers nog altijd vreemd in de oren klinkt, en waar het debat over verplicht gebruik eigenlijk over gaat.
Een taal met twee hokjes
Het Nederlands kent in de derde persoon enkelvoud alleen ‘hij’ en ‘zij’, en wie over een onbekende spreekt, kiest noodgedwongen of grijpt naar ‘hij of zij’. Dat werd al vroeg als een probleem ervaren. Volgens een overzicht van Transgender Netwerk Nederland stelde de feministe Milly van den Eijnde in 1995 in NRC Handelsblad de kunstwoorden ‘xij’, ‘haam’ en ‘heur’ voor. Transgender personen experimenteerden in de jaren negentig met ‘zhij/zhaar’, en de in 2008 opgerichte belangenorganisatie Transgender Netwerk Nederland (TNN) gebruikte die vormen aanvankelijk in eigen stukken. In 2012 opperde taalkundige Marc van Oostendorp ‘vij/her/zaar’. Geen van deze voorstellen sloeg aan: verzonnen voornaamwoorden hebben in geen enkele taal ooit gemakkelijk wortel geschoten.
De verkiezing van 2016
Op 9 mei 2016 kondigde TNN een ‘verkiezing van het non-binaire voornaamwoord’ aan. ‘Taal is een noodzakelijkheid om erkenning te krijgen’, schreef de organisatie, en: ‘De Nederlandse taal is bijzonder binair.’ Na een inventarisatie onder de achterban en een proefstemming bleven drie opties over. Op 10 juni 2016 volgde de uitslag: vijfhonderd mensen hadden gestemd, de combinatie ‘hen/hen/hun’ (onderwerp, voorwerp, bezit) won, ‘die/diens’ eindigde als tweede en de kunstvorm ‘dee/dem/dijr’ sloot de rij. TNN tekende erbij aan dat veel non-binaire mensen het onderwerp ‘hen’ ook graag door ‘die’ vervangen zagen. Precies die kanttekening zou de volgende jaren bepalen.
Het is goed om te beseffen wat dit was en wat niet. Het was geen besluit van een taalinstantie, maar een peiling onder belanghebbenden, georganiseerd door een belangenorganisatie. Dat is geen verwijt: zo ontstaan woorden nu eenmaal, zoals we laten zien in ons overzicht van de nieuwe woorden van het genderdebat. Maar het verklaart waarom de taalkundige haken en ogen pas later aan het licht kwamen.
Het Engelse voorbeeld: they
De Nederlandse keuze voor een bestaand meervoud volgde het Engels, waar ‘they’ al sinds de veertiende eeuw ook in het enkelvoud wordt gebruikt voor een persoon van onbekend geslacht (‘someone left their umbrella’). Nieuw was alleen het gebruik voor één specifieke, bekende persoon. De American Dialect Society riep het enkelvoudige ‘they’ in januari 2016 uit tot Woord van het Jaar 2015 en in 2020 tot woord van het decennium. De AP Stylebook stond het in 2017 in beperkte gevallen toe.
Het bekendste moment kwam in 2019. In september van dat jaar voegde Merriam-Webster een betekenis toe: ‘used to refer to a single person whose gender identity is nonbinary’. Kort daarop maakte zanger Sam Smith bekend ‘they/them’ te gebruiken, waarna het aantal opzoekingen explodeerde: 313 procent meer dan in 2018. Merriam-Webster riep ‘they’ in december 2019 uit tot Word of the Year. Het Engels had één groot voordeel dat het Nederlands mist: ‘they’ is een onderwerpsvorm, dus ‘they walk’ klinkt gewoon. ‘Hen’ is dat niet.
Van Dale en het ANP
Volgens de NOS nam Van Dale ‘hen’ in 2020 als genderneutraal voornaamwoord op in de onlineversie van het woordenboek. In de zestiende editie van de Dikke Van Dale, verschenen op 22 maart 2022, kreeg ‘die’ een vermelding als persoonlijk voornaamwoord van de derde persoon enkelvoud naast ‘hij’ en ‘zij’, en kregen bijna vijftienduizend persoons- en beroepsnamen de toevoeging m/v/x. Van Dale’s eigen taaladvies vat het nu zo samen: ‘Voor de onderwerpsvorm en de voorwerpsvorm is dat hen of die, terwijl je als bezittelijk voornaamwoord hun of diens kunt gebruiken.’
Het kantelpunt voor de journalistiek kwam op 3 juni 2021. Persbureau ANP maakte die dag bekend dat het voortaan genderneutrale voornaamwoorden gebruikt voor mensen die niet als man of vrouw aangeduid willen worden: ‘die’ in plaats van ‘hij’ of ‘zij’, ‘diens’ in plaats van ‘hem’ of ‘haar’, en daarnaast ‘hen’ en ‘hun’. Hoofdredacteur Freek Staps: ‘We gaan met deze aanpassing in ons stijlboek mee met maatschappelijke ontwikkelingen.’ Om misverstanden te voorkomen, zou het gebruik in elk bericht worden uitgelegd. De Volkskrant en het tijdschrift Linda deden het al; Trouw volgde. Omdat het ANP het ruwe materiaal levert voor vrijwel alle Nederlandse redacties, werkte dit ene stijlboekbesluit door tot in de regionale krant. Wie precies welke taalregels maakt in Nederland, zetten we uiteen in ons artikel over Van Dale, de Taalunie en het ANP.
Taalunie en Onze Taal: voorzichtig advies
De officiële taaladviseurs volgden later en voorzichtiger. Op 2 juni 2022 publiceerde Taaladvies.net, de adviesdienst van de Nederlandse Taalunie, het advies ‘Taal en gender (algemeen)’. De kernzin is opvallend terughoudend: ‘Over het verwijzen naar een non-binaire persoon, naar personen van wie het gender niet bekend is en ook naar personen in het algemeen is geen overeenstemming.’ En: ‘Op dit moment lijken die en enkelvoudig hen het meest kansrijk, eventueel uitgebreid met diegene, met als bezitsvormen diens en enkelvoudig hun.’ Toen de NOS er in augustus 2022 over berichtte, benadrukte de Taalunie: ‘Niets moet, overigens.’ De Vlaamse overheid, die het advies overnam, geeft de voorkeur aan ‘die’ als de voorkeur van de persoon onbekend is, omdat ‘het ook een enkelvoudsvorm is, in tegenstelling tot hen en hun’.
Het Genootschap Onze Taal schrijft in zijn Taalloket dat ‘hen’ en ‘hun’ sinds ongeveer 2016 als enkelvoudige verwijswoorden worden gebruikt, maar dat ‘deze verwijzingen nog niet heel erg gebruikelijk’ zijn en voor veel mensen ‘nog erg onnatuurlijk’ klinken. Over ‘die’ is het genootschap positiever: het is van oorsprong een aanwijzend voornaamwoord dat al eeuwen ook naar personen verwijst (‘Daar loopt Kim. Die is naar de kapper geweest’), en ‘diens’ is, hoewel historisch mannelijk, een redelijk ingeburgerd neutraal bezittelijk voornaamwoord geworden. Het advies van zowel Taalunie als Onze Taal luidt uiteindelijk hetzelfde: volg de voorkeur van de persoon over wie je schrijft.
Het grammaticale probleem: ‘hen loopt’
Waarom wringt ‘hen’? Omdat het in het Standaardnederlands een voorwerpsvorm in het meervoud is: ‘ik zie hen’, ‘ik geef het aan hen’. Als onderwerp van een enkelvoudige zin botst het dubbel: ‘hen loopt’ combineert een meervoudig voorwerp met een enkelvoudig werkwoord. Onze Taal noemt precies ‘hen loopt’ en ‘hen is’ als de zinnen die onwennig blijven. ‘Hun’ heeft bovendien het nadeel dat het in ‘hun hebben’ al decennia het bekendste taalfoutje van Nederland is; ‘hun plan’ als enkelvoud is daardoor voor lezers dubbelzinnig.
‘Die’ heeft die problemen niet. Taalkundige Ludmilla Coornstra betoogde in november 2021 op Neerlandistiek dat Nederlanders ‘die’ allang genderneutraal gebruiken zonder het te merken: op de vraag waar iemand is, antwoorden de meesten niet met ‘hij’ of ‘zij’ maar met ‘die zit op het toilet’. Het woord ‘klinkt vertrouwd, is tot op zekere hoogte al ingeburgerd’ en roept ‘weinig tot geen ongewenste genderassociaties’ op. Dat ‘die’ in 2016 als tweede eindigde en ‘hen’ won, had dus minder met grammatica te maken dan met het Engelse voorbeeld van ‘they’.
Hoe het in de praktijk gaat, onderzocht taalkundige Hielke Vriesendorp (Universiteit Utrecht) onder 656 Nederlandstaligen. Van de 169 non-binaire deelnemers gebruikte 74 procent een combinatie van ‘die’, ‘diens’, ‘hen’ en ‘hun’, in wisselende samenstellingen. ‘Er bestaat veel meer variatie dan in de stijlboeken en Van Dale te vinden is’, concludeerde Vriesendorp. Het Nederlands heeft dus niet één nieuw voornaamwoord gekregen, maar een repertoire waaruit per persoon wordt gekozen, en dat is voor een schrijver van een krantenbericht lastiger dan een regel.
Beleefdheid of verplichting? Het debat over misgenderen
Tot hier is het verhaal taalkundig. Het wordt politiek zodra het gebruik van iemands voorkeursvoornaamwoord van beleefdheid verschuift naar norm. Het woord ‘misgenderen’, in het Nederlands sinds 2014, speelt daarin een sleutelrol: het benoemt het gebruik van het ‘verkeerde’ voornaamwoord als een handeling, en handelingen kunnen in gedragscodes en huisregels worden verboden. Universiteiten, gemeenten en zorginstellingen namen de afgelopen jaren richtlijnen aan waarin ‘die/hen’ als standaard wordt aanbevolen; wat dat in de praktijk betekent, beschrijven we in ons artikel over inclusieve taal bij overheid en zorg. Taaladviseurs houden intussen vast aan ‘niets moet’.
Bij volwassenen is dat een kwestie van omgangsvormen. Bij kinderen ligt het anders, en daar raakt de voornaamwoordenkwestie aan de geneeskunde. Een nieuwe naam en nieuwe voornaamwoorden zijn de kern van wat ‘sociale transitie’ heet. De Britse Cass Review, het onafhankelijke onderzoek naar de genderzorg voor minderjarigen dat NHS England liet uitvoeren en dat op 10 april 2024 verscheen, stelt dat sociale transitie niet als neutrale handeling moet worden gezien maar als een ‘active intervention’, omdat zij het psychologisch functioneren van een kind wezenlijk kan beïnvloeden. De review adviseert bij kinderen vóór de puberteit een voorzichtiger benadering dan bij adolescenten en vroege begeleiding door een ervaren clinicus. De review constateert ook dat het debat zo gepolariseerd is dat zelfs neutrale terminologie moeilijk te vinden is. Wat sociale transitie precies inhoudt en wat erover bekend is, staat op watissocialetransitie.nl.
Dat verandert de vraag. Als het gebruik van ‘die’ of ‘hen’ voor een kind een onderdeel is van een interventie, dan is de keuze van een leerkracht of een redactie niet alleen een kwestie van hoffelijkheid. Hoe nieuwsmedia die spanning hanteren, en hoe ze vaak onbedoeld partij kiezen door een voornaamwoord te kiezen, is het terrein van gendermedia.nl.
Weging
De opkomst van ‘die’ en ‘hen’ is een zeldzaam voorbeeld van bewuste taalplanning van onderop die daadwerkelijk slaagde: een peiling onder vijfhonderd mensen in 2016 veranderde binnen zes jaar het stijlboek van het nationale persbureau, de Dikke Van Dale en het advies van de Taalunie. Dat verdient respect, ook van wie de uitkomst niet bevalt. Tegelijk laat de geschiedenis zien dat de taalkundig sterkste kandidaat, ‘die’, pas won nadat de instanties zich ermee bemoeiden, en dat de instanties zelf uiterst voorzichtig zijn gebleven: ‘kansrijk’, ‘niets moet’, ‘volg de voorkeur van de persoon’.
Die voorzichtigheid is terecht. Een voornaamwoord is een van de meest gebruikte woorden van een taal, en een taal laat zich niet per persbericht hervormen. Of ‘die’ over twintig jaar net zo gewoon is als ‘they’ in het Engels, bepalen sprekers, niet stijlboeken. Meer over de instanties die het proberen staat in onze rubriek Taalregels en instanties; meer over de woorden die het debat zelf voortbracht in Nieuwe woorden.
Bronnen
- Transgender Netwerk Nederland (2016). ‘Verkiezing van het non-binaire voornaamwoord’ (9 mei 2016) en ‘Zo maak je na toiletten ook taal genderneutraal’ (uitslag, 10 juni 2016). transgendernetwerk.nl.
- ANP (2021). ‘ANP gaat genderneutrale voornaamwoorden gebruiken’, anp.nl, 3 juni 2021; NOS, ‘Persbureau ANP voert gebruik genderneutrale voornaamwoorden in’, 3 juni 2021.
- Nederlandse Taalunie (2022). ‘Taal en gender (algemeen)’, Taaladvies.net, 2 juni 2022; NOS, ‘Politieagent of -persoon? Taalunie zoekt uitweg in gender-taalworsteling’, 24 augustus 2022.
- Genootschap Onze Taal. ‘hen, hun / die, diens (genderneutraal voornaamwoord)’, Taalloket, onzetaal.nl.
- Van Dale (2022). Van Dale Groot woordenboek van de Nederlandse taal, 16e editie (22 maart 2022); Van Dale Taaladvies, ‘Genderneutraal persoonlijk voornaamwoord’, vandale.nl.
- Merriam-Webster (2019). Word of the Year 2019: ‘they’; definitie toegevoegd september 2019. Associated Press, 10 december 2019.
- Coornstra, L. (2021). ‘Genderneutrale voornaamwoorden? Die gebruiken we allang’, Neerlandistiek, 2 november 2021; Universiteit Utrecht, ‘De vrolijk-rommelige vrijheid van non-binaire voornaamwoorden’ (onderzoek Hielke Vriesendorp).
- Cass, H. (2024). Independent Review of Gender Identity Services for Children and Young People: Final Report. NHS England, 10 april 2024.
Redactie Letterbrij.nl
Onafhankelijke redactie die de woorden van het genderdebat lexicografisch en historisch ontleedt, met eerste vindplaatsen, woordenboeken en stijlgidsen als bron. Over woorden, niet over mensen. Laatst bijgewerkt op 17 september 2026.
Veelgestelde vragen
Korte antwoorden op de vragen die het vaakst terugkomen.
Meer over Nieuwe woorden

Transgender als parapluterm: hoe een woord alles ging omvatten
Hoe transgender in dertig jaar veranderde van een smal, specifiek etiket in een parapluterm voor een heel spectrum aan genderidentiteiten.

Cisgender: betekenis, herkomst en de andere nieuwe woorden van het genderdebat
Van ‘cisgender’ (1991/1994) tot ‘deadnamen’ (2020): waar de nieuwe woorden van het genderdebat vandaan komen, wanneer Van Dale en de OED ze opnamen en wat ze doen.
