Taalregels en instanties: wie bepaalt de woorden
Van Dale, de Taalunie, Onze Taal, het ANP, de Rijksoverheid en de mediagidsen van belangenorganisaties: wie bepaalt in de praktijk hoe Nederlanders over gender spreken, op grond waarvan, en wat het verschil is tussen beschrijven en voorschrijven.
Over dit thema
Nederland heeft geen taalpolitie. Toch is er een duidelijke hiërarchie van instanties die de norm zetten: Van Dale beslist welke woorden 'bestaan' en wat ze betekenen, de Taalunie adviseert over grammatica en aanspreekvormen, het ANP bepaalt met zijn stijlgids wat duizenden journalisten schrijven, en de Rijksoverheid geeft handreikingen voor inclusieve communicatie. Daarnaast schrijven belangenorganisaties mediagidsen die redacties vertellen welke woorden ze moeten vermijden.
Dit thema beschrijft die instanties en hun besluiten: de zestiende editie van de Dikke Van Dale uit 2022 met m/v/x bij vijftienduizend woorden, het ANP-besluit van juni 2021 over die/hen, de Taalunie-adviezen van 2022, de inclusieve woordenlijst van het ministerie van OCW, de X in het paspoort en formuleringen als 'mensen met een baarmoeder' in zorgcommunicatie. Steeds met de vraag: beschrijft de instantie hoe er gesproken wordt, of schrijft ze voor hoe er gesproken moet worden?
Waar de norm door belangenbehartiging is beïnvloed, verwijzen we naar zustersite genderlobby.nl. De woorden die door deze instanties werden ingeburgerd, staan in Nieuwe woorden; hoe ze van betekenis veranderden in Betekenisverschuiving.
Artikelen in dit thema
Nieuwste eerst. Het uitgelichte overzichtsartikel is het beste startpunt.

Inclusieve taal bij overheid en zorg: van 'Beste reizigers' tot 'mensen met een baarmoeder'
Wat de overheid en de zorg aan inclusieve taal invoerden – de X in het paspoort, aanspreekvormen, zorgfolders – met bron en datum, en wat de kritiek waard is.

Van Dale, gender en definities: wie bepaalt de woorden?
Van Dale, Taalunie, Onze Taal, ANP, overheid en belangenorganisaties: wie bepaalt de woorden van het genderdebat, en wie zet in de praktijk de norm?
